Als mobiel checken zonder reden een Olympische sport was, had ik zilver gewonnen. Maar trots? Zeker niet.
Op vakantie dacht ik stoer: ik leg mijn mobiel aan de kant. De werkelijkheid? Ik betrapte mezelf erop hoe vaak ik dat ding tóch weer pakte. “Even checken,” zei ik dan. Dat “even” blijkt een tijdseenheid te zijn die alleen bestaat in het zwarte gat van social media. Je opent je mobiel om de tijd te zien, en 45 minuten later weet je nog steeds niet hoe laat het is, maar wel alles wat je niet hoefde te weten.
Het is alsof je hersenen zichzelf niet meer vertrouwen. “Misschien is er íets nieuws gebeurd in de laatste 8 seconden sinds ik keek!” Nee Laura, alleen jij bent 8 seconden ouder.
Dus ging ik buiten zitten. Zon, november, Nederland, een wonder. Mensen kwamen voorbij, ik raakte in gesprek. Echte gesprekken, dat miste ik blijkbaar.
Even later belden twee vriendinnen, gewoon om écht contact te maken. Over kwetsbaarheid, angst, schaamte. Gesprekken die mij lieten voelen wat ik eigenlijk zocht: de werkelijkheid met alles wat daarbij hoort.
En ja, een beetje zelfspot helpt:
-
Mijn duim heeft meer spiermassa dan mijn biceps.
-
Mijn brein reageert op dopamine alsof het een aanval is.
-
Stilte? Reflex: mobiel pakken.
- Batterij op 20%, paniek, net als mijn lage energie.
Ik denk terug aan mijn kindertijd zonder mobiel. “Randje tetsen” op straat, vrijheid voelen, net als tijdens het lesgeven. Kind mogen zijn, de speelsheid niet verliezen. Daar wil ik weer naartoe.
Ik schreef een lijstje voor mezelf, met een knipoog:
-
Leg je mobiel weg alsof het een giftige slang is.
-
Vermijd de wc als wifi-zone.
-
Spreek offline af en laat je mobiel liggen.
-
Vraag jezelf af: zoek ik informatie, of ontvlucht ik verveling?
- Zet notificaties uit en geef je vingers rust.
De komende maanden wil ik maar één ding: terug naar dat “randje tets-gevoel”, zonder mobiel, met volle aandacht voor het echte leven. En dat gun ik iedereen.
Blog 95
Laura Potters
SeeZen
